Herkomst van de naam 'van de(r) Vuurst

Otto de Grote, zoon van Hendrik I van Saksen, ook wel Hendrik de Vogelaar genoemd, was van 936 - 973 Keizer van Duitsland.
In 953 schonk hij Vrse aan Balderik van Cleve, van 918 - 976 Bischop van Utrecht.
Hier wordt Vrse voor het eerst genoemd.
Varianten van de naam zijn:

Foreste, Fuerst, Furs, Veurse, Vuersse, Vurst, Vuurst, Vuyrse.

De gereformeerden kwamen in de Vuursche op 5 juni 1657 voor de eerste maal in een kerkdienst bijeen in de boerderij "de Stulp".
Voordien bij de classis Amersfoort.
In de Vuursche konden zij zich moeilijk staande houden, vooral omdat de roomsgezinden moeilijkheden en storingen berokkenden.
Daarom in stilte in "de Stulp", een boerenhofstede op de zessprong aan de weg naar pijnenburg.
Tot de Gemeente de Vuursche behoorden ook de hervormden uit de Gemeenten Baarn, de Bilt, Soest en Zeist, alsmede zij die gehuisvest waren in Den Dolder, Hees onder Soest, Pijnenburg en het Ridderdorp.
Eerste voorganger van de Kerkelijke Gemeente in de Vuursche (Hooge en Lage Vuursche omvattend) deed op 4 november 1659 zijn intrede.
Eind november 1659 werd het kerkje Drakesteyn in de Lage Vuursche voor de eredienst in gebruik genomen.

De samenvoeging van de gemeente Baarn en De Vuursche vond plaats op 5 juli 1851.